Zoeken
  • Alkmaarjan

De Alkmaarse Sint Laurens van de shoarma

Met de viering van 500 jaar Grote Kerk dit jaar in de kaasstad is eindelijk ook Alkmaars lang vergeten patroonheilige St. Laurentius van Rome of St. Laurens (225AD-258AD) weer enigszins thuis gekomen en aanwezig in de stad. De voor het kleine stadje onevenredig grote gotische kruisbasiliek werd in 1518 immers gewijd aan St. Laurens, de St. Laurenskerk, een naam die met de machtsovername van de calvinisten in de stad in 1572 voorgoed werd omgedoopt in Grote Kerk. Alles dat aan St. Laurens in de kerk deed denken werd weggehaald met in 1581 als dieptepunt het door Maarten van Heemskerk geschilderde grootste drieluik in de Noordelijke Nederlanden, het Laurentius-altaarstuk. Toch verdween St. Laurens niet helemaal. Hoog boven de grond op de zuidbeuk, een plek die moeilijk bereikbaar en daarom te veel gedoe was voor de 'beeldenstormers', bleef Laurens staan. Met in zijn rechterhand zijn eigen geroosterde bakplaat waarop hij de dood vond.


Beeld van St. Laurentius zuidbeuk Grote Kerk van Alkmaar

Want Laurens was een martelaar. En Laurens was niet zo maar een martelaar maar eentje met humor! Die zijn redelijk dun gezaaid. Als diaken van Rome leidde hij tijdens de christenvervolgingen onder keizer Valerianus I in 258 AD de perfect van Rome die het voorzien had op de kerkschatten om de tuin. Als straf werd Laurens ter dood gebracht en gemarteld op een uitzonderlijk gruwelijke manier: hij werd geroosterd boven een vuur. Vandaar dat Laurens als heilige nog altijd zijn attribuut de bakplaat cq. BBQ-rooster bij zich heeft als je hem tegenkomt. De legende gaat dat nadat Laurens een tijdje op zijn rug had liggen braden tegen zijn beul zei: 'Yo, deze kant is nu wel goed door gebakken! Draai me maar om'! Zo werd Laurens ook nog de beschermheilige van de koks. Zo gaan die dingen. Op het dit jaar tevens weer thuisgekomen enorme Laurentius-altaarstuk van Maarten van Heemskerk - te zien in de Grote Kerk - lijkt Laurens op het punt te staan om zijn beroemde dijenkletser er in te gooien.



Detail van St. Laurentius-altaarstuk van Maarten van Heemskerck 1542

Een patroonheilige verlaat natuurlijk nimmer zijn stad. In allerlei vormen blijft hij met zijn stad verbonden en terugkomen. Zo moet de versteende Laurens hoog op de zuidbeuk van de Grote Kerk met genoegen naar een kleine pandje een blok verderop in de Schoutenstraat nr 5 hebben staan turen toen in 1977 een groot verlicht reclamebord werd opgehangen 'Grillhouse-Shoarma Jeruzalem'. Niet vanwege de naam van de stad waar de heiland voor wie Laurens zich liet braden gekruisigd werd. Nee, een van zijn beschermelingen maar tevens naamgenoot Laurens was vanuit het oosten in de kaasstad neergestreken om het Alkmaarse uitgaanspubliek te voeden met shoarma: Laurens Arraf, de koning van de Alkmaarse shoarma.


Jeruzalem aan de Schoutenstraat 5


Hoe deze Laurens Arraf naar Alkmaar gedreven kwam, is in de nevelen der tijd gehuld, net als zijn patroon van wie aangenomen wordt dat de Hollandse Graaf Dirk II wat relieken van hem had bezeten die hij in zijn abdij in Egmond had onderbegracht. De heilige shoarma Laurens schijnt door de liefde naar Nederland gedreven te zijn en in Alkmaar vond hij zijn thuis. Want heilig was hij en zijn shoarma sinds de opening van Jeruzalem. Duizenden en duizenden Alkmaarders genoten vooral na het uitgaan van zijn broodjes shoarma met knoflooksaus of zijn beroemde broodje shaslick. Even 'een shoarmaatje pakken' na het uitgaan werd van een hype in de jaren 80 een traditie in de jaren negentig. En vrijwel alle shoarma in Alkmaar was die van Laurens. In 1980 opende hij Montford aan de Gedempte Nieuwesloot, in 1983 Amon op de Platte Stenenbrug en

daarna Nazareth op het Zevenhuizen.


Zelf was Laurens meestal te vinden in zijn oudste zaak Jeruzalem in de Schoutenstraat. Voor de drukte van het uitgaanspubliek zat hij vaak achter in de zaak. Zware shague rokend, zijn haar altijd strak in coiffure, een open blouse met een groot kruis op de borst. Vrijpostig, temperamentvol, joviaal, grappend makend, altijd druk discussierend met klanten en personeel over van alles en nog wat stond hij achter de bakplaat. Laurens beleefde zijn mooiste jaren in Alkmaar, zegt hij me in een telefoongesprek. Hij woonde met zijn gezin aan de statige Nassaulaan op loopafstand van al zijn zaken. Evengoed zag je hem af en toe door de stad scheuren in een enorme metallic grijze BMW.


Zoals de meeste namen van zijn shoarma tenten doen vermoeden komt Laurens oorspronkelijk uit Israel. Hij werd in 1952 geboren in het christelijk-Arabische dorpje Mi'ilya in het uiterste Noordwesten van Galilea vlak bij de Libanese grens. Vlak achter het dorp ligt de ruïne van de imposante kruisvaardersburcht Montford. Laurens is ook niet zijn echte naam maar bijnaam met een mooi verhaal. Zijn echte naam is Moeen Arraf en hij groeide op onder Israëlisch militair bestuur dat na de onafhankelijkheidsoorlog van 1948/49 was ingesteld en pas in 1966 opgeheven werd. Eind jaren zestig was Moeen derhalve een van de eerste Arabieren die werd toegelaten op de Technische Universiteit van Israël, het Technion in de stad Haifa. Een van zijn docenten vond Moeen maar een moeilijke naam om te onthouden en omdat hij vrijwel de enige Arabier op de universiteit was, gaf hij hem de bijnaam "Lawrence of Arabia'. Die bijnaam later in vernederlandste vorm is altijd blijven hangen.


In 2008 remigreerde Laurens weer terug naar zijn geboortedorp in Israël om met pensioen te gaan. Drie jaar later reed ik met een Israëlische vriend op rondreis door Israël langs het dorpje Mi'ilya en ik had van de dochter van Laurens, Gina Arraf, gehoord dat haar vader toch weer een restaurant geopend had aan de voet van het dorp: Menches. En ja hoor, als we aan komen rijden wappert er een Nederlandse vlag op het restaurant en zit Laurens voor het restaurant in de zon een zwaar shaggie te roken. We hebben elkaar al meer dan tien jaar niet gezien, kennen elkaar alleen van de nachtelijke shoarma maar als ik hem in het Nederlands aanspreek en zeg wie ik ben, herkent hij mij en mijn Israëlische vriend die ik ook regelmatig mee naar Jeruzalem nam direct: 'Hey Jan, kom binnen! Jullie krijgen een lekkere Nederlandse shoarma van mij! In Menches doe ik ook Nederlandse specialiteiten.'

Laurens is wat ouder en zijn gestylde haar heeft inmiddels een verfje maar als hij druk pratend achter de toonbank de shoarma staat te maken, af en toe hoe Hebreeuws sprekend met mijn vriend, is het net alsof we terug in de tijd in Jeruzalem in Alkmaar zitten.

In restaurent Menches met Laurens Arraf, Mi'ilya Israël 2011

Terwijl Laurens nog in Alkmaar woonde, bouwde hij jaren jarenlang aan een nieuw groot huis in zijn geboortedorp. Sinds 2008 woont hij nu met zijn tweede Nederlandse vrouw en hun zoontje. Uit een eerder huwelijk heeft hij nog drie inmiddels volwassen kinderen die allemaal in Nederland wonen. Afgelopen april werd hij voor de vierde keer opa toen zijn dochter Gina van een dochter beviel. Als ik hem bel om wat dingen te vragen duurt het even voor het kwartje valt maar dan begint hij voluit te vertellen. Hoewel hij nog geregeld naar Nederland komt, mist hij Alkmaar. 'Als mijn jongste of vrouw terugwillen dan stap ik zo op het vliegtuig'. Alkmaar was ook een bewuste keuze destijds. Een mooi stadje vlakbij de kust dat een beetje aanvoelde als zijn geboortestreek met de stad Haifa. Wanneer ik hem vraag naar zijn bijnaam en hij het verhaal over het Technion vertelt zegt hij spottend dat zijn technische universitaire studie overbodig is geweest. 'Ik ben een mislukte techneut, ingenieur maar weet je Jan, in de restaurant-business heb ik het altijd goed gedaan.' Dat blijkt want hoewel Laurens inmiddels ver in de zestig is, heeft hij niet alleen pas geleden naast zijn restaurant in het dorp een cocktailbar geopend maar ook een nieuw tweede restaurant in Haifa vlak bij de Baaj tempel, de blikvanger van de stad. 'Echt een mooie zaak, Jan. Je moet zeker een keer komen kijken. Wanneer kom jij weer naar Israël?' Op mijn volgende reis daarheen ga ik zeker even kijken. Laurens van Alkmaar. Een klein stukje Alkmaar in het noorden van Israel. Verplichte kost voor iedere kaaskop in Israel, dunkt me.





481 keer bekeken

info@alkmaarjan.com    +31-0630 06 71 50

  • Facebook Social Icon
  • Twitter Social Icon
  • Instagram Social Icon